Mijn Passie

Log hier in met je Entree account

Inhoud

Inleiding

Hoe goed draait een horecabedrijf nou echt? Uit de jaarrekening blijkt hoeveel winst (of verlies) er het afgelopen jaar is gedraaid. Maar wat zegt dat eigenlijk? Het krijgt meer betekenis als je deze cijfers ook gaat vergelijken met de cijfers van vergelijkbare horecabedrijven.

Het meisje in de video wil een eigen horeca-onderneming starten. Welke financiële kengetallen zijn hierbij van belang?

De solvabiliteit, de liquiditeit en de rentabiliteit.

Deze theorie gaat over:

  • wat het doel is van financiële kengetallen;

  • de solvabiliteit van de onderneming;

  • de liquiditeit van de onderneming;

  • de rentabiliteit van de onderneming;

  • omloopsnelheid.

Het doel van financiële kengetallen ↑Naar boven

Bij een horecabedrijf zijn veel verschillende mensen betrokken. Denk aan de eigenaar/ondernemer, de bedrijfsleider, de administrateur, de accountant, de bankier en de leverancier.

Al deze betrokkenen willen graag informatie hebben over het bedrijf. Deze informatie hebben ze nodig om beslissingen te kunnen nemen. Een manager van een bedrijf kan hiervoor terecht bij de eigen administratie. Bankiers en leveranciers kunnen daarvan geen gebruikmaken. Zij moeten hun informatie dus ergens anders vandaan halen. Een goede informatiebron is de jaarrekening. Uit de beschikbare informatie moeten de betrokkenen conclusies kunnen trekken. Dat kan alleen als ze de informatie gaan analyseren. Dat analyseren wordt gedaan met behulp van ratio’s. Ratio’s worden ook wel kengetallen genoemd.

Door gebruik te maken van kengetallen kan de ondernemer informatie vergelijken met die van een andere onderneming en / of voorgaande jaren.

Om deze kengetallen te berekenen wordt een zogenaamde liquiditeitsbalans opgesteld. Die ziet er bijvoorbeeld zo uit.

Balans Eetcafé Het dolle Hert 1/1/2009

Debet

Credit

Inventaris

33.000

Eigen Vermogen

20.000

Keukenmachines

19.000 +

Vreemd Vermogen Lang

Banklening

33.000

Vaste Activa

52.000

Lening

7.000

Voorraden dranken

6.000

Crediteuren

8.900

Voorraden keuken

8.000

Belastingen

1.500

Debiteuren

1.300

Salarissen

1.500

Liquide Middelen

9.700 +

Overige schulden

5.100 +

Vlottende Activa

25.000

Totaal Vreemd Vermogen Kort

24.000

Totale activa

77.000

Totale passiva

77.000

Kenmerkend voor een liquiditeitsbalans is dat de balansposten ingedeeld zijn naar:

  • Vaste Activa of Vlottende Activa aan de debetzijde;

  • Eigen Vermogen, Vreemd Vermogen Lang en Vreemd Vermogen Kort aan de creditzijde.

In een jaarrekening is ook altijd een resultatenrekening opgenomen. Ook deze wordt gebruikt voor het berekenen van kengetallen. Een resultatenrekening ziet er bijvoorbeeld zo uit.

Resultatenrekening van het dolle Hert per 1/1/2009

Omzet

€ 525.000

Kosten van de omzet*

€ 450.000 -

Bedrijfsresultaat

€ 75.000

Diverse baten en lasten

€ 10.000 -

Totaal resultaat

€ 65.000

Betaalde rente

€ 3.000 -

Nettowinst

€ 62.000

* De kosten van de omzet zijn bijvoorbeeld: personeelskosten, inslag dranken, inslag keuken en allerlei overige kosten.

Als de gewenste informatie betrekking heeft op de financiële positie van een horecabedrijf zijn er drie kengetallen van belang:

  1. De solvabiliteit

  2. De liquiditeit

  3. De rentabiliteit

De solvabiliteit ↑Naar boven

Sligro op overnamepad

Grossiersconcern Sligro lonkt naar retailketens Spar en Sperwer. Directeur Abel Slippens stelt dat hij genoeg geld kan lenen.

Over de aankoop zegt hij: ‘In ons vak heb je volume nodig. Als dat te koop staat, moet je geïnteresseerd zijn.’ Afgelopen jaar nam Sligro ook al retailer Prisma over. Daardoor stijgt de omzet van het grossiersconcern met 1,1 miljard euro. Door de overname steekt het concern zich dieper in de schulden. Van het banksaldo bestaat nu nog 23 procent uit eigen vermogen. Vorig jaar was dat nog 32 procent. Slippens voelt zich behaaglijk bij deze solvabiliteit. In Nederland heeft Sligro in totaal 34 vestigingen. ‘Dit jaar opent het concern nieuwe horecagroothandels in Groningen, Breda en Haarlem’, zo laat woordvoerder Wilco Jansen weten.

woensdag 07 februari 2001, Misset Horeca nr. 5 2001

De bank zal beoordelen of het bedrijf een buffer heeft om een langere periode van tegenspoed te doorstaan aan de hand van de solvabiliteit. De solvabiliteitsratio is de verhouding tussen het Eigen Vermogen en het totale vermogen.

Wij behandelen er twee manieren waarop de solvabiliteit berekend kan worden.

De eerste heet solvabiliteitsratio en deze wordt uitgerekend door middel van de volgende formule:

Formule

Als de ondernemer de gehele onderneming:

  • zelf heeft gefinancierd

  • en geen geld geleend,

  • dan is de solvabiliteit 100%.

Naarmate er meer vreemd vermogen (bank, financieringsmaatschappij) in de onderneming zit, wordt de solvabiliteit lager. Een slechte solvabiliteit heeft tot gevolg dat het voor de onderneming moeilijker wordt om nieuw vreemd vermogen aan trekken. Om bij de bank een lening te krijgen is minimaal een solvabiliteit van 25% gewenst. Een gezond bedrijf heeft tegenover elke euro eigen vermogen niet meer dan 2 euro vreemd vermogen staan (33% solvabiliteit).

Een tweede manier om de solvabiliteit van een onderneming te berekenen heet de debt ratio. In het Engels betekent ‘schuld’. Je kan de deptratio berekenen met de volgende formule:

Formule

De debt ratio is ook als volgt te berekenen: 100% - solvabiliteitsratio

De berekening van de solvabiliteit van eetcafé het Dolle Hert gaat als volgt:

Formule

Dus:

Formule

Of:

Formule

Dus:

Formule

Conclusie: de solvabiliteit van het Dolle Hert is conform het gemiddelde binnen de horeca. Het is net voldoende om nog een lening bij de bank te kunnen afsluiten. Toch is de solvabiliteit niet al te hoog.

De liquiditeit ↑Naar boven

Quick ratio, current ratio en werkkapitaal

Het is ook nuttig om te weten of een bedrijf de kortetermijnverplichtingen kan nakomen. Bij de liquiditeit gaat het erom of de onderneming voldoende geld beschikbaar heeft om directe rekeningen te betalen. Zoals het uitbetalen van lonen, het betalen aan de belastingdienst, de grondstoffenleveranciers en het aflossen van bankkredieten. Voor de liquiditeit zijn twee kengetallen in de horeca bepalend: de quick ratio en de current ratio.

Formule

Liquide Middelen zijn immers meteen beschikbaar om schulden af te lossen.

De current ratio gaat ervan uit dat naast de Liquide Middelen ook andere Vlottende Activa zoals debiteuren en voorraden op korte termijn omgezet kunnen worden in geld.

Formule

De current ratio wordt over het meeste toegepast. Een current ratio van 2 wordt wenselijk geacht. Dan kun je de kortetermijnschulden zonder problemen aflossen.

De berekening van de liquiditeit van eetcafé het Dolle Hert gaat als volgt:

Formule

Conclusie: Het Dolle Hert is nog net liquide met een current ratio van over de 1, maar gezien het feit dat de wenselijk current ratio 2 is, is het wel erg mager te noemen.

Het werkkapitaal

Het werkkapitaal geeft antwoord op de vraag hoeveel financiële speelruimte het bedrijf heeft om investeringen te doen zonder extra vermogen aan te hoeven trekken.

Het werkkapitaal valt op twee manieren te berekenen:

Formule

Of:

Formule

Eetcafé Het Dolle Hert kan € 1.000 investeren zonder geld te hoeven lenen bij bijvoorbeeld een bank. Kijk maar:

Formule

Of

Formule

De rentabiliteit ↑Naar boven

Alle betrokkenen van een bedrijf willen weten in hoeverre het bedrijf winst kan maken. Daarvoor wordt de rentabiliteit berekend. Rentabiliteit betekent dan hoeveel rendement gedane investeringen hebben opgeleverd.

Voor ons zijn van belang:

  • de rentabiliteit van het Eigen Vermogen

  • de rentabiliteit van het totale vermogen

Rentabiliteit Eigen Vermogen

Formule

Een onderneming moet zijn rentabiliteit op het eigen vermogen zo hoog mogelijk laten zijn. Dat moet minimaal hoger zijn dan de marktrente. Is de ratio lager en lijkt die op termijn niet verbeterd te kunnen worden, dan kan de ondernemer overwegen om te stoppen met zijn zaak en het geld op de bank zetten; dat levert meer op.

Rentabiliteit totaal vermogen

De rentabiliteit van het totaal vermogen kan worden berekent met de volgende formule:

Formule

Het ‘totaal resultaat’ is de behaalde nettowinst + de betaalde rente + de betaalde belasting.

De berekening van de rentabiliteit totaal vermogen van café het Dolle Hert gaat als volgt:

Formule

Brutomarge

De brutomarge kan worden berekent met de volgende formule:

Formule

Dit kengetal wordt veel gebruikt om bedrijven uit dezelfde branche, in ons geval de horeca, met elkaar te vergelijken.

Voor café het Dolle Hert is deze marge bijvoorbeeld:

Formule

Als je alleen naar de brutomarge zou kijken dan zou het Dolle Hert een uitstekende rentabiliteit hebben. Maar die vlieger gaat niet op. De omloopsnelheid van het vermogen speelt namelijk een even belangrijke rol. Een hoge brutomarge, gecombineerd met een lage omloopsnelheid, kan toch een heel matige rentabiliteit geven. Omgekeerd kan natuurlijk ook.

Omloopsnelheid

De omloopsnelheid kan worden berekent met de volgende formule:

Formule

Omloop van het vermogen is het proces dat met geld goederen en diensten worden gekocht die vervolgens later weer verkocht worden waardoor je weer de beschikking krijgt over geld. Dus als volgt:

De omloopsnelheid van het vermogen is het aantal keren per jaar dat dit proces zich afspeelt.

Voor café het Dolle Hert is de omloopsnelheid:

Formule

Hoe staat het met de omloopsnelheid in de horeca?

De samenhang tussen rentabiliteit, brutomarge en omloopsnelheid

De samenhang tussen rentabiliteit, brutomarge en omloopsnelheid is als volgt:

Formule

Even checken:

Formule

Je hebt inderdaad al eerder berekend dat de rentabiliteit van het totale vermogen 18,2% was, dus dat klopt.

Je kunt uit de rentabiliteit totaal vermogen ook de rentabiliteit Vreemd Vermogen afleiden. Deze wordt dan:

Formule

Conclusie

Wat kun je nu zeggen over de rentabiliteit van eetcafé het Dolle Hert?

Je kunt concluderen dat de rentabiliteit van het totale vermogen wel oké is. Iedere geïnvesteerde euro Eigen Vermogen levert een rendement op van 84.4%. Nou moeten wel er wél bij zeggen dat de uitbater van het Dolle Hert zelf ook nog een inkomen moet halen uit dit bedrijf. Dat moet nu nog van het netto resultaat betaald worden.

 

 

In samenwerking met het

© Noordhoff Uitgevers bv