Wijnregio’s noordelijke helft
In deze paragraaf worden de regio’s besproken die in de noordelijke helft van Portugal liggen. Dat zijn:
- Minho (§ 11.3.1);
- Trás-os-Montes (§ 11.3.2);
- Beiras (§ 11.3.3).
Er zijn vrij grote verschillen tussen deze gebieden. Het klimaat varieert van koel en regenachtig in het westen tot zeer heet en droog in het oosten, richting de Spaanse grens.
Minho
Minho ligt in het noordwesten van Portugal, tussen de Spaanse grens en de stad Porto. De gelijknamige rivier Minho in het noorden vormt de grens met het Spaanse Galicië, in het westen ligt de Atlantische Oceaan. Het regent hier veel: 1500 à 2000 millimeter per jaar. Boeren verbouwen er granen, maïs, groente en druiven. De wijn die hier vandaan komt heet Vinho Verde, ‘groene wijn’.
In het gebied wonen ongeveer 40.000 wijnboeren. Met 35.000 hectare wijngaarden heeft een boer gemiddeld dus minder dan 1 hectare. Vroeger liet de wijnboer de wijnstok in de bomen groeien (enforcada) of hij maakte gebruik van hoge pergola’s (latada) zodat er ruimte was om andere gewassen te verbouwen. Doordat de druiven hoog hingen, rotten de druiven in dit natte gebied niet. Tegenwoordig gebruiken de wijnboeren modernere methoden, zoals het Franse cordonsysteem. Hierbij groeien de druiven langs draden anderhalve meter boven de grond. In tegenstelling tot de enforcada- en latadasystemen is mechanische oogst bij het cordonsysteem wel mogelijk. Bovendien krijgen de druiven zo meer zonlicht.
De belangrijkste druivenrassen die de wijnboeren hier verbouwen zijn Loureiro, Azal, Arinto, Trajadura en Alvarinho. De witte wijnen uit dit gebied zijn licht en bedoeld om jong te drinken. Ze hebben een hoge zuurgraad en bevatten veel appelzuur. In de klassieke Vinho Verde vond de malolactische gisting (zie § 4.3.4) in de fles plaats. Een gedeelte van het appelzuur zet zich daarbij om in melkzuur en er komt een beetje koolzuur vrij. Dat geeft de Vinho Verde zijn karakteristieke prikkeling, die helemaal past bij de frisse stijl van de wijn. Tegenwoordig wordt ook wel iets koolzuur toegevoegd om hetzelfde effect te bereiken.
Minho heeft slechts één DOC: Vinho Verde.
Dit is sinds 1908 een DOC voor witte en rode wijnen. De witte wijnen worden vooral geëxporteerd; de rode drinkt men vooral in het land. Hij is nogal hard van smaak door de hoge zuurgraad. Veel wijnen uit het gebied worden op de markt gebracht als Vinho Regional.
Algemene kenmerken Minho | ||||||
![]() | Terroir | Bodem | Graniet met hier en daar leisteen, zanderige bovenlaag | |||
| Klimaat | Gemiddelde temperatuur: 13,4°C Gemiddeld aantal zonuren per jaar: 2179 | |||||
| Belangrijkste druivenrassen | Wit:
| Blauw: | ||||
![]() | Wijngaard | Wijngaardareaal | 32.881 hectare (2004) | |||
| Totale productie | 988.000 hectoliter | |||||
![]() | Vinificatie | Soorten wijn | Wit, rood (vinho regional) | |||
![]() | Herkomstgebieden | Aantal DOC’s | 1: Vinho Verde | |||
| Vinho regional | Minho Vinho regional | |||||
Trás-os-Montes
Algemene kenmerken Trás-os-Montes | ||||||
![]() | Terroir | Bodem | Graniet en leisteen | |||
| Klimaat | Gemiddelde temperatuur: 11,8 –16,5°C, afhankelijk van subgebied. Gemiddeld aantal zonuren per jaar: 2435 | |||||
| Belangrijkste druivenrassen | Wit:
| Blauw:
| ||||
![]() | Wijngaard | Wijngaardareaal | 68.455 hectare (2004) | |||
| Totale productie | 1.871.000 hectoliter (Trás-os-Montes) 1.646.000 hectoliter (Douro) 226.000 hectoliter (rest van het gebied) | |||||
![]() | Vinificatie | Soorten wijn | Wit: 9% Rood: 91% | |||
![]() | Herkomstgebieden | Aantal DOC’s | 3: DOC Douro, DOC Porto, DOC Planalto-Mirandês | |||
In het noordoosten ligt de grootste wijnbouwregio van Portugal: Trás-os-Montes. Dit bergachtige en ruige gebied is de bakermat van de Portugese rosé. Die wordt vooral geproduceerd rond de steden Chaves en Vila Real. De Dourovallei is het belangrijkste wijngebied van deze regio. In deze vallei liggen twee DOC’s: Porto en Douro. De DOC Porto produceert port, de DOC Douro maakt stille wijnen. Bijna de helft van de druiven uit deze streek is bestemd voor de DOC Porto. De andere druiven komen terecht in de droge witte en rode wijnen van de DOC Douro.
DOC Douro
De grenzen van het Dourogebied zijn al in de achttiende eeuw vastgelegd. Het Dourogebied loopt van de stad Régua tot vlak bij de Spaanse grens. Het centrale deel van de wijngaarden ligt rond de plaats Pinhão. De bergketen Serra do Marão houdt de vochtige oceaanlucht tegen. Binnen het gebied zijn er duidelijke klimaatverschillen. Dieper in het binnenland is de gemiddelde temperatuur hoger en het klimaat droger.
De wijngaarden liggen tegen de hellingen langs de kronkelende rivier. Op plekken waar de helling te steil is, hebben de wijnboeren terrassen aangelegd. Dat is nog niet zo eenvoudig, omdat de bodem bijna volledig uit graniet en leisteen bestaat. De bovenlaag van deze terrassen bestaat uit vermalen rotsblokken.
In het Dourogebied staan meer dan honderd verschillende witte en blauwe druivenrassen. Sommige daarvan zijn vooral geschikt voor de productie van port, zoals Tinta Roriz, Tinta Barroca, Touriga Francesa en Touriga Nacional.
Van de druiven van het Dourogebied kan de wijnmaker witte en rode wijnen maken, maar ook witte en rode port. Vroeger was droge wijn een bijproduct van port. Dat is nu niet meer het geval. Tegenwoordig wordt er zelfs meer witte en rode wijn gemaakt dan port.
Kwaliteit van wijngaarden
In Duitsland wordt de kwaliteitsaanduiding bepaald door het mostgewicht en een keuring van de wijnen. De Bourgogne bepaalt de kwaliteit door classificatie van de wijngaarden. In de Douro kent men een ander kwaliteitsstelsel: iedere wijngaard wordt beoordeeld volgens een vast puntensysteem (zie tabel “Puntenlijst wijngaarden” hierna).
Het aantal punten bepaalt of en in welke klasse de wijngaard wordt ingedeeld: A tot en met F (zie tabel “Beoordelingssysteem” hierna).
Dit systeem bepaalt niet alleen de kwaliteit van de wijngaard, maar ook hoeveel van de oogst mag worden verwerkt tot port. Deze toegestane productie heet de benefício, en wordt bepaald door het Instituto do Vinho do Porto (IVP) en de wijnproducentenorganisatie Casa do Douro. Deze benefício verschilt per jaar, omdat hij bepaald wordt op basis van de bestaande voorraden, de opbrengst in een bepaald jaar en de exportverwachtingen. Wijnproducenten mogen elk jaar slechts een derde van hun portvoorraad verkopen.
Quintas Een Portugese wijnboerderij heet quinta (spreek uit: kienta). In de Dourostreek zijn er ongeveer 1800 van deze quinta’s. De grote porthuizen bezitten ieder minstens één eigen quinta. De meeste quinta’s zijn echter privébezit, die hun wijn vaak aan de grotere bedrijven leveren. Als alle druiven in een wijn van één quinta komen, mag de naam van de quinta op het etiket staan. Bekende quinta’s zijn de Quinta de Vargellas (eigendom van Taylor), de Quinta do Vesuvio (eigendom van Symington), de Quinta do Panascal (eigendom van Graham) en de Quinta do Noval (eigendom van Axa Millésimes). |
DOC Porto
De DOC Porto levert de bekendste wijn van Portugal: port. Een assemblage van rode port moet voor minstens 60 procent uit een of enkele van de volgende blauwe rassen bestaan: Tinta Roriz, Bastardo, Marufo, Tinta Barroca, Tinta Francisca, Tinto Cão, Touriga Francesa, Touriga Nacional, Trincadeira Preta. De witte port moet voor ten minste 60 procent uit een of enkele van de volgende witte rassen bestaan: Esgana Ção, Folgasão, Gouveio (Verdelho), Malvasia Fina, Rabigato, Viosinho.
Bijzonder jubileum In 2006 kon het portgebied een uniek jubileum vieren. Het was toen 250 jaar een erkend herkomstgebied. In 1756 werden - op initiatief van de markies van Pombal - de grenzen van het wijngebied bepaald. De wijngaarden langs de Douro leveren tot op de dag van vandaag de druiven voor de beroemdste en meest klassieke wijn van Portugal: port. |
Vinificatie van port
Na de oogst is een deel van de druiven bestemd voor de vinificatie van port. De druiventrossen komen terecht in lagares. Dat zijn grote bakken van graniet of cement, die ongeveer 1 meter diep zijn. In klassieke wijnhuizen worden de druiven getreden: arm in arm lopen mensen in een bepaald ritme door de druivenmassa. Dat is niet om de druiven te persen, maar om de ‘hoed’ van schillen en pitten steeds weer onder te dompelen. Hierdoor komt er meer kleur uit de schillen, en dat is nodig want de gisting op de schillen wordt vroegtijdig onderbroken. Moderne wijnhuizen gebruiken hiervoor mechanische systemen.
De gisting wordt voortijdig gestopt door de toevoeging van wijnalcohol. Hierdoor blijft er een natuurlijk restzoet in de wijn achter. Daarna slaat de wijnmaker de ruwe port op in opslagtanks. In het voorjaar gaat een groot deel van de jonge port naar Vila Nova de Gaia. Daar vindt de blending en rijping plaats in lodges (opslagloodsen). Na aankomst in de lodges worden de ports gekeurd. Deze eerste keuring bepaalt de toekomst van de port. De beste ports krijgen een andere rijping dan ports met een lagere kwaliteit.
Witte en rode port
Er zijn diverse soorten port. Om te beginnen is er witte en rode port. Witte port is gemaakt van witte druiven; rode port van blauwe. Witte port wordt vaak jong gedronken en heeft een iets lager alcoholgehalte dan rode. Witte port heeft minimaal 18 procent alcohol, terwijl rode port meestal een alcoholgehalte heeft van 20 procent. Naast zoete is er ook droge witte port. De wijn heeft dan de kans gehad om volledig te vergisten. De wijnmaker voegt de alcohol aan het eind van de vergisting toe.
Portstijlen
Bij rode port is de soort en de lengte van de rijping van groot belang. Bij de soort rijping moet je denken aan het materiaal waarin de port rijpt. In cuves van hout vindt er meer oxidatie plaats. Dit geldt ook voor grotere cuves. Door oxidatie veranderen de kleur en het aroma van de wijn.
De hoogste kwaliteit is de Vintage port. Deze port krijgt alleen een lichte vorm van oxidatie en rijpt vooral op fles. Producenten maken deze port alleen in de beste jaren. Deze ports zijn donkerrood (‘ruby’). Een port die veel langer op hout heeft gelegen en daardoor meer geoxideerd is, krijgt een lichtere, oranjeachtige kleur. Dit type heet ‘tawny’. Beide typen komen in verschillende variaties voor.
Gebruik van port in een restaurant Zelfs voor de beste port is een serveertemperatuur van 18°C ideaal. Laat flessen hogekwaliteitsport daarom niet in het restaurant op de showtafel staan. Dan worden ze namelijk te warm. Bovendien zijn niet alle ports geschikt om te bewaren nadat de fles geopend is. Omdat gasten vaak alleen een glas port bestellen en niet een hele fles, is het verstandig te kiezen voor geoxideerde porttypen, zoals tawny’s en colheita’s. |
Porttypen
De belangrijkste porttypen en de varianten zijn:
Ruby port
Dit is een basisport met een helderrode kleur. Hij mag uit diverse jaren en verschillende wijngaarden komen en uit meerdere druivenrassen bestaan. De wijn wordt relatief jong gedronken, maar moet minimaal drie jaar oud zijn voordat hij mag worden verkocht. Elk porthuis probeert door blenden een product te verkrijgen dat door de jaren heen de stijl van het huis kenmerkt.
Tawny port
Ook dit is een basisport, maar met een lichtere kleur en zachtere smaak dan de ruby. Dat komt doordat deze langer op houten vaten heeft gelegen. De opslag is minimaal 3,5 jaar, maar sommige huizen houden een rijpingsperiode aan van 6 tot 7 jaar. Goedkope tawny port is vaak een vermenging van rode en witte port.
Oude tawny
Echt goede tawny’s blijven nog veel langer op hout liggen. De kleur verandert dan van rood naar oranje-bruin. De gemiddelde leeftijd staat op het etiket: 10 years old, 20 years old, 30 years old, (over) 40 years old. Omdat ook deze wijnen altijd vermengingen van meerdere ports zijn, geeft het getal de gemiddelde leeftijd van de port aan. Een porthuis mag deze termen niet zomaar gebruiken. Het Portinstituut moet toestemming geven, voordat een bepaalde cuvée op de markt mag komen.
Crusted port
Dit is portwijn die geassembleerd is uit port van meerdere jaargangen na 3 tot 4 jaar fustlagering. De wijn zet nog depot af in de fles. De korst die daardoor op de wand van de fles kan ontstaan, geeft dit type port zijn naam: crusted. Het is eigenlijk een veredelde ruby die geen Vintage port mag heten. Een variant hierop is de ‘Vintage Character’. Ook dit is een ruby-type van bovengemiddelde kwaliteit, met de eigenschappen van een Vintage. Crusted port komt weinig voor.
Vintage port
De wijn voor de Vintage port komt van één oogstjaar uit de beste wijngaarden, en heeft de kwaliteit van een bijzonder goed wijnjaar. De goede kwaliteit van kleur, geur en karakter moeten door het Instituto do Vinho do Porto worden erkend. De wijn wordt zeer jong gebotteld en de rijping op fles bepaalt dus de smaak. Tussen 1 juli van het tweede jaar en 30 juni van het derde jaar na de oogst wordt de wijn gebotteld. Vintage port kan lang bewaard worden. Op het etiket moet de aanduiding ‘Vintage’ en de jaargang staan. De eerst intense kleur verandert naar robijnrood en veel later naar roodbruin. De geur van rijpe druiven is kenmerkend voor de jonge Vintage port.
Oudere ports ontwikkelen veel depot. Geopende flessen moeten als een oude wijn worden behandeld: decanteren en het liefst binnen een dag uitschenken. Deze port heeft namelijk weinig contact met zuurstof gehad. Opengemaakte flessen zullen snel gaan oxideren en hun fijne aroma’s verliezen.
Late bottled vintage (LBV)
Soms ontwikkelt een wijn die niet als vintage is erkend, zich op vat uitzonderlijk goed. Zo’n wijn kan na twee jaar geen Vintage meer worden.
Tot maximaal zes jaar fustrijping mag hij worden gebotteld en de aanduiding ‘late bottled vintage’ krijgen. Op het etiket staan het oogstjaar en het jaar van botteling. Door de langere fustrijping is de late bottled vintage sneller op dronk dan een échte vintage en ontwikkelt hij bovendien minder depot dan een vintage. De late bottled vintage kan enkele dagen open staan.
Colheita
Colheita is Portugees voor ‘vintage’. Dit is dus een portwijn van één jaargang, maar hij heeft langer dan zeven jaar gerijpt. De omschrijving ‘vintage’ of ‘late bottled vintage’ mag niet worden gebruikt. Een Colheita port is dus zoals een oudere tawny, met dit verschil dat de tawny een assemblage mag zijn van portwijnen uit meerdere jaren, en de colheita alleen van wijnen uit hetzelfde jaar.
Quinta port
Quinta port is gemaakt van druiven van hetzelfde landgoed (quinta). Er vindt geen blending plaats met wijnen van andere wijngaarden. Het is een extra aanduiding die bij alle typen port kan voorkomen, zolang de druiven maar van die quinta afkomstig zijn.
Factory House De Britten hebben altijd een belangrijke rol gespeeld in de portwereld. Het traditionele hart van die wereld is het Factory House in Porto: een gebouw vol traditie en een koloniale sfeer. Vanaf de achttiende eeuw was dit de sociëteit van de klassieke portfamilies en nog steeds is het een centrum voor de porthandel. Binnen de granieten muren van het Factory House zijn veel verdragen en huwelijken gesloten. Aan bijzondere gasten wordt de eer gegund om een diner bij te wonen. Aan het eind van een diner in het Factory House gaat traditioneel een karaf port de tafel rond, waarbij de gasten de inhoud van de karaf moeten raden. |
Overige herkomstgebieden van Trás-os-Montes: Chaves, Planalto-Mirandês en Valpaços
Trás-os-Montes heeft nog meer wijnen naast die van de DOC’s Douro en Port. Er zijn twee gebieden met een IPR-status: Chaves en Valpaços. Planalto-Mirandês is een nieuwe DOC. Van oudsher is Trás-os-Montes een belangrijk productiegebied van rosé wijn.
Vooral de IPR Chaves staat bekend om zijn goede rosé. De druivenrassen die de wijnmakers hiervoor gebruiken, zijn: Tinta Amarela, Tinta Francisca en Touriga. De IPR Planalto-Mirandês maakt een goede droge witte wijn. Deze wijn wordt alleen in goede jaren geproduceerd. Het toegepaste druivenras is Viosinho, aangevuld met Malvasia en Gouveio. Uit de IPR Valpaços en wijde omgeving komen rode wijnen met veel kleur en alcohol.
Mateus rosé Niet port, maar rosé is het meest succesvolle exportproduct van Portugal. De beroemdste rosé aller tijden is Mateus rosé. Op het etiket van de fles staat het Palácio de Mateus in Vila Real. Rond deze stad ligt het oorspronkelijke wijngebied. Tegenwoordig komen de druiven voor deze wijn echter overal vandaan, zolang het maar binnen Portugal is. De wijn wordt geproduceerd in een ultramoderne wijnmakerij in het midden van het land. De Portugese rosé heeft zijn wereldwijde succes te danken aan een zoete geur en een heel lichte pareling. |
Beiras
Algemene kenmerken Beiras | ||||||
![]() | Terroir | Bodem | Leisteen en klei | |||
| Klimaat | Gemiddelde temperatuur: 15,7°C Gemiddeld aantal zonuren per jaar: 2480 | |||||
| Belangrijkste druivenrassen | Wit:
| Blauw:
| ||||
![]() | Wijngaard | Wijngaardareaal | 56.910 hectare (2004) | |||
| Totale productie | 1.196.000 hectoliter | |||||
![]() | Vinificatie | Soorten wijn | Wit: 35% Rood: 65% | |||
![]() | Herkomstgebieden | Aantal DOC’s | 4: DOC Bairrada, DOC Dão, DOC Beira Interior, DOC Távora-Varosa. | |||
Ten zuiden van Porto en het Dourogebied ligt de regio Beiras. De wijngebieden liggen vooral ten noordoosten van de oude universiteitsstad Coimbra. Dit gebied produceert voornamelijk rode wijnen.
Hier komen vijf kwaliteitswijnen vandaan: Bairrada, Dão, Beira Interior (DOC sinds 1999), Távora-Varosa (DOC sinds 1999) en IPR Lafões.
Bairrada
Bairrada ligt 100 kilometer ten zuiden van Porto tussen de steden Aveiro aan de Atlantische Oceaan en Coimbra. Tussen de kust en de bergen bestaat de grond van Bairrada uit klei. Het klimaat staat onder invloed van de Atlantische Oceaan. Tijdens de winter valt de meeste regen, en het kan in dit gebied ook koud zijn. De zomers zijn vaak droog en heet.
Het landschap is heuvelachtig. Er zijn veel kleine wijngaarden, die worden afgewisseld door bossen met eucalyptusbomen.
De DOC Bairrada is sinds 1979 erkend. De wijnmakers produceren alle wijntypen: rood, wit, rosé en mousserende wijnen. De mousserende wijnen zijn vooral gemaakt van de Maria Gomes, Arinto, Rabo-de-Ovelha, Bical en Pinot. Ze worden gemaakt volgens de fermentação em garrafa: de traditionele methode met een tweede gisting op fles (§ 4.5.4).
De rode wijnen hebben veel kleur met een soepele smaak. Ze kunnen goed rijpen. De belangrijkste blauwe druif is de Baga.
Dão
Dão ligt ten oosten van Bairrada. De streek is genoemd naar het riviertje Dão. Het landschap bestaat uit diepe valleien en golvende heuvels. De invloed van de Atlantische Oceaan is hier niet zo groot, waardoor de omstandigheden voor wijnbouwen hier bijna ideaal zijn. De meeste wijngaarden liggen op 400 à 500 meter hoogte, maar sommige op wel 800 meter.
De meeste bergen en valleien hebben een bodem met veel graniet. Vooral in het zuiden zijn kleine enclaves met leisteen. De granietbodem leent zich het beste voor de aanplant van blauwe druivenrassen, terwijl leisteenbodem juist weer goed is voor de witte rassen. Moderne technieken en oude tradities gaan hier goed samen. Er zijn kleinere ambachtelijke bedrijven en grote bedrijven met moderne installaties.
Dão Nobre is een rode prestigewijn die vier jaar in houten vaten rijpt. Daarnaast komen uit deze streek enkele mousserende wijnen en de Dão Novo. Sinds 1907 is het een erkende DOC.
DOC Beira Interior, DOC Távora-Varosa, IPR Lafões
De DOC’s Beira Interior en Távora-Varosa werden in 1999 erkend. Távora-Varosa ligt net ten zuiden van de Dourovallei. Dit gebied staat bekend om zijn goede mousserende wijnen. Daarvan worden de meeste in het gebied zelf opgedronken.
De IPR Lafões ligt ten noordwesten van Dão. Veel druivenranken groeien hier hoog in pergola’s. De gebruikte druivenrassen voor witte wijnen zijn Arinto, Sercial, Alva, Folgasão en Tamarez. De witte wijnen van Lafões lijken op de Vinhos Verdes. Voor rode wijnen van deze IPR worden de Touriga, Moreto, Rufete, Trincadeira, Castelão en Mortágua gebruikt. Deze wijnen hebben een granaatrode kleur en een fruitige geur. Ze zijn vrij zuur. De rode Lafões wordt na enkele jaren rijping zachter en ronder.
![]() Aan de slag met wijn Alles over wijn in één compleet overzicht? |






























